Als ik mijn avondronde ga lopen, vliegt er een voetbal voor mijn voeten. Hij is ver uit koers, ik sta aan de bal en pak mijn kans. Met een volslagen gebrek aan voetballige vaardigheden probeer ik de bal in de richting van het clubje tieners te trappen. Dat lukt op zijn minst ongeveer.
‘Bedankt mevrouw. U kunt zo bij het Nederlands elftal. U bent de nieuwe Lieke Martens.’
Zulke complimenten had ik vandaag nog niet gehad, dus die stak ik in mijn zak.
‘Dan ben u wel een beetje laat begonnen.’
Jajajajaja, okeeeee…ennn we lopen door. In de ogen van deze kids ben ik hoogbejaard, natuurlijk.
Ik wandel door en besluit een rondje om de Arena te doen. Ik besluit het onwillekeurig. Het is vast iets met voetbal.
Aldaar doen ze ook aan het spelletje, blijkt, maar dan op grote schaal: supporters in rood en oranje schuifelen in lange rijen het stadion in. Beide partijen door elkaar.
Dat vind ik mooi.
Duizenden mensen die onder wakend oog van de ME (dat dan weer wel) gaan kijken naar mensen die een potje voetballen. Ooit begonnen op straat.
Gewoon een balletje trappen, dat is ook wat het is.