Ruimte

Ik probeer elke dag iets weg te gooien. Dat mag een stapel oud papier zijn, of een kapot kopje dat uit vage sentimentaliteitsoverwegingen in mijn kast is blijven rondhangen.

Een kapotte pen of een al jaren niet gebruikte deken (‘weggooien’ omvat ook: weggeven aan iemand die het voorwerp beter kan gebruiken).

Dat schijnt ruimte te scheppen in huis en hoofd.

Een ruim hoofd in een ruim huis. Ik bén mijn opgeruimde omgeving.

Hier heb ik geen boeken van Japanse opruimgoeroes voor gelezen – volgens mij is het volkswijsheid.

Soms sneuvelt er een ongewenst cadeau (sorry, schenker van weleer) of een souvenir uit mijn kindertijd (sorry, knuffelbeertje).

Het is elders beter op zijn plek.

Ik ben benieuwd waar dit experiment gaat eindigen.